Iedere dag opnieuw.
Alsof ik geen keuze had.
Alsof dit het leven was dat ik maar moest dragen.
’s Ochtends stond ik op en ik voelde het meteen.
Mijn lichaam was zwaar.
Mijn ogen gezwollen, alsof ik de hele nacht gehuild had.
Maar toch zei ik:
“Het gaat wel.”
En ik liep door.
Verder.
Altijd verder.
Ik zei ja terwijl mijn hele systeem al maanden nee riep.
Ik werkte door terwijl mijn lijf schreeuwde om rust.
En ergens… begon ik te geloven dat dit normaal was.
Maar diep vanbinnen wist ik: dit ís niet normaal.
Want daar zat dat stille stemmetje:
Zie mij ook eens…
Alleen zag ik mezelf niet.
Ik zette iedereen voorop — behalve mij.
Ik dacht dat waardering kwam als ik nóg harder liep.
Sterk bleef.
Nooit iemand tot last was.
Maar precies daar ging het mis.
Je wordt pas gezien…
als je jezelf durft te zien.
En dat besef kwam niet in één keer.
Het kwam toen mijn lichaam zei:
“Tot hier en niet verder.”
Want ik rende door terwijl ik kapot was.
Ik hield me groot, deed sterk, droeg meer dan ik kon.
Uit angst.
Uit gewoonte.
Uit loyaliteit.
Omdat ik had geleerd dat dit zo hoorde.
Tot ik écht niet meer kon.
Toen begon het — heel klein, heel voorzichtig.
Eén grens.
Eén nee.
Eén moment waarin ik eerlijk was tegen mezelf.
En eerlijk?
Dat voelde allesbehalve fijn.
Mensen begrepen het niet.
Sommigen haakten af.
Maar ik bleef.
Bij mezelf.
Voor het eerst in jaren.
Ik meldde me ziek toen mijn lichaam stopte.
Ik leerde weer huilen.
Ik leerde weer voelen.
En langzaam ontdekte ik iets wat mijn leven veranderde:
De liefde, de rust en de erkenning waar ik zo naar zocht,
zaten nooit in harder werken.
Die zaten al die tijd ín mij.
Ik moest alleen leren luisteren.
Dat is precies waarom ik doe wat ik nu doe.
Niet om vrouwen te leren nóg sterker te zijn.
Niet om vol te houden tot ze breken.
Maar om hen te laten voelen wat ik zelf zo lang niet kon:
Je hoeft jezelf niet pas te kiezen
als je al aan het instorten bent.
Je mag jezelf vandaag al kiezen.
Gewoon, één kleine keuze.
Voor jou.
Voor je lichaam dat al zó lang fluistert.
Voor dat zachte stemmetje dat zegt:
“Het is genoeg zo.
Ik ben nu aan de beurt.”
Liefs,
Angelique
